Banner
Vergroot de moeite, beperk de voorspelbaarheid
Written by Bas   
Tuesday, 06 July 2010 09:58

 

Een column die ik schreef voor de Koerier [het blaadje van de Yeti].

 

Mijn startpunt is afkomstig uit het artikel games climbers play van Lito Tejada Flores. Deze publiceerde dit artikel in ASCENT (1967). Hier bouwde hij een structuur op, waar de verschillende disciplines in het klimmen kunnen worden geoordend. De spelregels zijn daarin leidend, de de kwantiteit van de restricties gebruikt hij om te categoriseren.


Startend met boulderen, een discipline met etiquetten die (alle) hulpmiddelen afwijzen. Een verklaring waarom je dus geen ladders zal zien in Bleau, maar wel op Trango. Enfin, de hoeveelheid aan restricties word met iedere stap verminderd. Zo gaat het van Boulderen naar Trad, Sportklimmen, Arti’fen, Alpine, Alpine-style tot Expeditie. Waarbij de laatste vorm alles word gedoogd.


Met dit framewerk gelegd, zijn discussies in de klimethiek beter te begrijpen. Vrijheden in een hogere discipline worden liever niet gebruikt, dit is onethisch. Echter definieert Lito ook de andere richting als stijl (hier word de engelse style bedoelt). Voorbeelden als Ueli Steck’s speedbeklimmingen of de solo’s van Dave Mc Leod en Dan Osman. Zij characteriseren de elite van deze sport.

 

Nu de bewegingsruimte van het spel is bepaald, is het tijd voor de beklimming zelf. Deze lijn heeft ook een van boven af beginnende verfijning; Waarbij het in een expeditie om de top gaat, is het bij boulderen soms verschillend tot op de greep.


Het trainen op plastic heeft veel veranderd in de sportklimwereld. Door artificeel geplaatste ’passen’ is een route goed voor te bereiden. Rustpunten kunnen worden gezocht, waardoor inlezen een hoop moeite bespaard.


Gelukkig is er geen kleurcodering in de rotsen / gebergtes. Al word een route steeds uitgebreider beschreven; De hedendaagse topo staat vol met informatie, ter verduidelijking. Een ware service, ’immers goed gelezen’.

 

En dit brengt me terug naar het framewerk van Lito. Hoe te opereren in een speelruimte van ethiek en stijl. Het gebruiken van geen topo zie ik namelijk als stijl. Deze sportklimtrend infultreerd in het alpinisme. Waardoor hele beklimmingen uitgebreid zijn gedocumenteerd. Het is niet mogelijk je eigen lijn te bepalen.  Een stramien word aangemeten.


Het gebruik van een topo, kwalificeer ik dus als onethisch. Een zuivere vorm is mogelijk en daar kan voor gekozen worden. Routes kunnen nog steeds bestaan zonder gedocumenteerd te zijn.

 

Dit idee heb ik uit Noord Noorwegen, van het shiereiland Lyngen. Het alpinisme gaat daar zonder topo al schrijft en spreekt de plaatselijke commune er hartstochtelijk over. Tochten worden op persoonlijke noot  aangeraden, of bedacht vanaf de kaart. En deze filosofie trek ik graag door in mijn eigen klimmen.

 

Ik laat me liever pakken door lijnen die mooi over een wand lopen. Of toppen die mij aantrekken door hun vorm. Of routes die karakteriserend zijn door hun spleten. Gradaties hoeven er niet te zijn, ook de wedloop op eerstbeklimmingen word dan vager. Het doet niets af aan de prestaties van pioneers. Deze verlegen de grenzen van het spelletje. Terwijl wij, als platland alpinisten, een rol van beleving hebben aangenomen.

 

Ter afsluiting roep ik niet op tot een boycot, maar een wijziging in attitude. Het is namelijk heel goed  mogelijk om ad-hoc te alpineren. (Denk hier bijvoorbeeld aan het inlopen). Deze vorm vraagt wel meer van jezelf, maar dit geeft veel terug. En misschien genoeg om niet de prestatie te accenturen, maar de tocht.


Add your comment

Your name:
Your email:
Comment:
  The word for verification. Lowercase letters only with no spaces.
Word verification: